Dyslexieweb

  • Vergroot lettergrootte
  • Standaard lettergrootte
  • Verklein lettergrootte

Dyslexie: de diagnose

E-mailadres Afdrukken PDF

(c) Dyslexieweb

Op dit deel van de website gaan we in op de diagnose ‘dyslexie’. Heb je dyslexie? Hoe zit dat met een dyslexieverklaring? En wat voor begeleiding is nu het beste? Lastige vragen, waar we proberen wat meer uitleg over te geven. Over het gebruik van hulpmiddelen en het volgen van behandelmethodes staat de informatie in de andere kopjes in het menu.

De voor- en nadelen van etiketjes plakken

Dus daar komt hij dan: het etiketje ‘dyslexie’. Het wordt zomaar op je voorhoofd geplakt, of het voorhoofd van je kind. Misschien hingen daar al wel etiketjes, zoals ‘ADHD’, ‘licht-autistisch’ of ‘hoogbegaafd’. En nu komt er weer een stickertje bij. Is dat nou wel zo prettig?

Ja!

Ja, het kan heel fijn zijn dat de diagnose ‘dyslexie’ nu eindelijk gesteld is. Nu je weet wat er aan de hand is, kan er eindelijk begrip voor het probleem komen. “Jan is niet dom, hij heeft gewoon dyslexie!”. Het is fijn als je zulke dingen opgehelderd kunt krijgen. Voor ouders is het ook een bevestiging dat zij het niet fout gedaan hebben. Veel problemen zijn aangeboren en niet het gevolg van slechte opvoeding. Veel ouders betrekken de problemen op zichzelf, vragen zich af of zij gefaald hebben met de opvoeding van hun kind. Zeker bij agressief gedrag kan dit slopend zijn voor de ouders, die hun kind zoveel liefde hebben gegeven terwijl het kind vaak boos is. Lieve ouders, jullie hebben je kind niet te weinig voorgelezen en gestimuleerd om zelf te lezen. Jullie kind heeft dyslexie, en dat is niet jullie schuld! Ook is het fijn, als het probleem een grote rol speelt in het leven van het kind, om contact te zoeken met lotgenoten. Je weet nu wat er aan de hand is, en je kunt andere op internet makkelijk mensen zoeken die je verhaal herkennen. Herkenning is fijn. En, nu je weet wat het is, kun je ook de juiste informatie opzoeken en de juiste behandeling starten. De meeste etiketjes zijn gekoppeld aan meerdere oplossingen, bij ADHD kunnen medicijnen bijvoorbeeld een oplossing vormen, bij dyslexie kan meer aandacht, de juiste hulpmiddelen en goede begeleiding een wereld van verschil maken. Op school kan men nu goed rekening houden met het gedrag van een kind met een etiketje. Een hoogbegaafd kind dat lastig is, kan soms helemaal opknappen door extra opdrachten van een hoger niveau, waar weer een uitdaging in zit. Een kind met ADHD kan een rustigere plek in de klas krijgen waar minder afleiding is. Een kind met dyslexie kan extra tijd krijgen voor zijn proefwerken, en begrip krijgen als het niet gelukt is het huiswerk af te maken.

Nee!

Een etiket kan ook als excuus gebruikt worden. Door het kind, maar ook door d eouders. Wees er alert op dat het kind nu niet denkt: “Ik heb dyslexie, dus ik hoef niet meer zo mijn best te doen want ze snappen toch wel dat ik geen voldoendes haal op mijn dictee”. En ouders kunnen de slechte cijfers op hun beurt weer vergoeielijken: “Ach, Sam heeft dyslexie, hij kan er ook niks aan doen dat hij zoveel onvoldoendes heeft.” Een etiket mag nooit een reden zijn om te denken dat er nu niets meer hoeft te gebeuren! Een tweede gevaar van een etiketje is dat er andere problemen over het hoofd gezien kunnen worden. Een kind dat slechte resultaten haalt op school omdat hij zo druk is en de diagnose ADHD krijgt, kan best óók dyslexie hebben, maar dat valt niet meer zo op omdat hij of izj in álle vakken slechte cijfers haalt door gebrek aan concentratie. Hoewel het fijn is dat er met een etiketje de juiste focus gelegd kan worden, moet je je als ouder niet direct op dát etiketje focussen. Soms is één labeltje niet genoeg. Ook kan een etiketje het verwachtingspatroon creëren. Het makkelijkste voorbeeld hierin is met het etiketje ‘hoogbegaafd’ is. Als ouder verwacht je nu misschien dat je kind vlekkeloos het gymnasium zal doorlopen. De druk op de schouders van het kind kan erg groot worden, omdat het kind ook van zichzélf gaat verwachten dat hij met gemak goede resultaten kan halen. Als dit niet lukt, is het gevoel van falen enorm en kan er een ongelukkige situatie ontstaan. En het grootste nadeel van het hokjesdenken: vergeet niet dat ieder kind uniek is. Misschien past je kind wel in het hokje dyslexie, maar dat maakt hem niet ‘een dyslect’. Het is nog altijd Sanne, Laura, Jim, Thomas of hoe het kind ook heten mag!

Conclusie

Hoewel een etiketje veel opluchting kan bieden en goede gevolgen kan hebben, kleven er ook nadelen aan. Hou rekening met deze nadelen en wees waakzaam dat deze dingen er niet ongemerkt toch insluipen. Met dyslectische kinderen is niets mis, maar laat de dyslexie de dyslexie zijn en je kind je kind!